Kerndoelen 57 en 58 vormen de wettelijke basis voor de lessen bewegingsonderwijs. Deze zijn uitgewerkt in leerlijnen (bijvoorbeeld springen, balanceren en doelspelen), daarop worden de lessen geordend. Er wordt gewerkt aan een nieuw curriculum waarin buiten bewegen meer kansen krijgt.
Kern van het nieuwe curriculum vormen 8 grote opdrachten (de kern van het leergebied Sport en Bewegen). Deze zijn uitgewerkt in 6 bouwstenen (de kennis en vaardigheden die leerlingen aangeboden moeten krijgen).
In het nieuwe curriculum Bewegen en Sport zijn acht grote opdrachten geformuleerd die de kern van het leergebied vormen. Om leerlingen breed te introduceren in de beweegcultuur zijn daaraan 6 bouwstenen gekoppeld:
Met name grote opdracht 7 biedt enorme kansen om buiten bewegen extra inhoud te geven. Door Beweegcontexten te verbinden gaan kinderen ook buiten de school beweegkansen herkennen en beweegactiviteiten vormgeven. Een gouden kans om de missie van het curriculum ‘Een leven lang met plezier bewegen’ écht inhoud te geven.
Bij bewegingsonderwijs neemt vaardig worden in bewegen een belangrijke plek in. Die vaardigheid wordt pas relevant en betekenisvol als deze in de juiste context tot bloei komt. Zonder relevante context bestaat het risico op aanleren van kunstjes zonder vertaling naar de dagelijkse werkelijkheid van kinderen.
De Buitengymzaal ligt dichter bij de werkelijke context waar we kinderen blijvend en met plezier willen laten bewegen. Bovendien biedt de Buitengymzaal kansen op directe vertaling van het geleerde naar beweegmogelijkheden in de eigen leefomgeving, denk aan over hekjes en plassen springen. De Buitengymzaal is ook buiten schooltijd te gebruiken want bewegen in de openbare ruimte kan immers overal.
Kerndoel 57: De leerlingen leren op een verantwoorde manier deelnemen aan de omringende bewegingscultuur en leren de hoofdbeginselen van de belangrijkste bewegings- en spelvormen ervaren en uitvoeren.
Kerndoel 58: De leerlingen leren samen met anderen op een respectvolle manier aan bewegingsactiviteiten deel te nemen, afspraken te maken over het reguleren daarvan, de eigen bewegingsmogelijkheden in te schatten en daarmee bij activiteiten rekening te houden.
De bouwsteen ‘Leren bewegen’ is geordend op beweeguitdagingen en -thema’s. Dit uitgangspunt zorgt voor een zo breed mogelijke introductie in de beweeg- en sportcultuur. Buiten bewegen biedt extra en nieuwe mogelijkheden om beweeguitdagingen in te vullen. Laat kinderen bijvoorbeeld balansactiviteiten uitvoeren op de eigen fiets, hier hebben ze ook naschools direct profijt van. Deze nieuwe mogelijkheden vragen om een frisse blik van methodemakers en vakleerkrachten. Om leerkrachten op weg te helpen, bieden we ter inspiratie leskaarten om snel aan de slag te gaan met buiten bewegingsonderwijs.
Daarnaast heeft Nijha een handig overzicht gemaakt welk onderdeel van de Buitengymzaal je kunt gebruiken per leerlijn, bewegingsthema en kernactiviteit voor de groepen 1&2, 3&4, 5&6 en 7&8.
Buiten bewegen biedt nieuwe kansen. Maak gebruik van de weersomstandigheden en voeg nieuwe activiteiten’ toe voor zon, wind, regen, sneeuw en vorst. Wat te denken van land surfen bij veel wind, verspringen over plassen, sneeuwballenspel of curling op een bevroren deel van de spellocatie?